
i L -'.T
KUNDE . Il Ded: PI Hoofdft. 129
Elet zeer fierlyk gelaurierde
borftbeeld van den eerften Koning
van Pruyffe is op de voorzyde
oraringd door deezen nieuwen tytel
;
F R I D E R I C U S P R IM U S , D e i
G r a t i a R E X BO R U S S IA E .
F R E D E R I K D E E E R S T E , DOOR
G O D S G E N A D E K O N I N G
F A N P R U I S S E .
Op de tegenzyde ziet men dat
geweft in de gedaante eener vrouwe
, welke tegen eenen pylaar
leimende in de flinker hand het
Koninglyk zwaard en den rykftaf
houdt, en met de rechter zich zelve
de Koninglyke kroon op het
hoofd z e t, verzeld van dit om- en
opfchrift :
SUUM C U IQ U E MDCC I .
A A N I E D E R H E T Z T N E 1701.
Staandede regeering van deezen
Vorft, raids die een befchermer
der geleerdheyd was, zag men alle
konften en weetenfchappen by
uytnemendheyd in zyne Staaten
bloeijen, en gevolglyk, behalven
de reeds aangehaalde penningen,
nog zoo veele anderen op alle des
zelfs voornaamfte leevensgevallen
zoonu zoodan in’t licht geeven,
dat eyndelyk François Halma, niet
min deftig drukker dan vloeijend
Dichter, een befluyt nam om het
leeven van deezen Koning, ende
penningen daarop gemunt, binnen
zeer deftige randiieraaden, naar
’t voorbeeld der Franfche Hooge“
fchoole, ter grootte van heele
bladzyden, den liefhebberen door
de drukperfe mede te deelen; veele
penningen en verfcheydene rand-
fierfels waaren bereyds gefneeden,
eenige bladen ook afgedrukt; doch
het onverwacht overlyden van
dien Konftqueekenden Koning
heeft den voorgang van dat heerlyk
voorneemen, tot geen kleyn
leedweezen der liefhebberen, ftraks
geftremd, en eyndelyk het reeds
aangevange penningwerk in zyne
geboorte doen fmooren.
Op de zelfde wyze worden ook Pemm-
zeer veele Hiftoripenningen niet
alleen vande overige het zy Geeft- Dayffdi
lyke het zy Werreldlyke Keurvor-
ften, maar ook meeft van alle de
andere Prinfen des Duytfchen ryks
gevonden. Dus heeft men’er van
het huys van Wirtemberg, Helfe,
Baden, Holfteyn, Anhalt, Nas-
fou, en Aremberg ; Gelyk ook
van die van Mantua, Parma en
andere Vorften in Italic ; veelen
wier oudften men in het penningwerk
van den meergemel-
den Lukkius , en die federt de
elf eerfte jaaren der achttiende
eeuwe
ccuwc gemunt zyn, in verfcheydene
penningboekjes (i) befchreeven
vindt, welken teNeurenbcrg in
de Hoogduytfche en Latynfche ta
le ter grootte van eene geheele
bkadzyde gedrukt zyn.
Behalven deezen, zoo worden
nog zeer veele gedenkpenningen
van de onderfcheydene Geeftly-
ken, als Kardinaalen, Biflchop-
pen, Predikanten, Abten, Priefters,
desgelyks van de eerfte Staatsdie-
naaren, luyden van geleerdheyd,
en beroemde krygshelden zoo te
land als te water alom in zeer
groGt getal gevonden. En wat
de eerften aanbelangt, zoo heeft
het den Heer Chriftiaan Junker
goed gedacht de penningen van alle
die genen , welken aan dc bekende
geloofshervorming in de
vyftiende eeuwe de handen geleend
hebben, te vergaderen, en,
nevens zyne bygevoegde befcliry-
ving in de (2) Hoogduytfche taa-
le , aan het gemeen, ten getale
van over de tweehonderd gedenkpenningen
mede te deelen.
Eyndelyk zoo vindt men ook
verfcheydene penningen van de
onderfcheydene Ridderlykc Ge-
nootfchappen, Steden en Staaten,
onder welke laatften, die der Nederlanden
byzonderiyk uytmunten
, waarom ik hebbe voorgenomen
in het volgende hoofdftuk
van de zelven afzonderlyk te handelen.
Maitini
Lutheri in
8. Frank-
iurt I-CÖ,
Z E V E N D E H O O F D S T U K .
Pan de
Nederlandfche Hißoripenmngen.
( j ) I . Dttl
HEt geweft der Nederlanden is,
n a a ’t floopen des Romeynfchen
ryks, eerft door de Ooftfrankifche
(3) Koningen en Duytfche
Keurkeyzeren (4), gelyk wy
hiervoor eenigszins al gemeld hebben
, en naamaals door verfcheyde-
(s) Hooft ne wetpligtige ( y ) Vorften onder
Graaf- en Hertoglyke tytelen by
(6) ftukken geregeerd; doch naa
verloop van tyden zoo door’t ge-
weld t er oorlogen als de kinder-
looze aflyvigheyd van den eenen,
o f door de vreede- en hiiuwelyks
verbonden van anderen, allengs
ß i. 17 .
28.#» 29.
(4) I.Deel
ßl- 30-3 H
«32
Hift.fol.I.
(6) H. dc
Groot
Ncderl,
Jaarb.
fol.3.
ineengefmolten, en eyndelyk aail
Philips den Goeden Hertog van
Bourgonje gelukt de voornaamfte
hoofddeelen dier geweften zyne
magt en een hoofde, naa’t overlyden
van Vrouwe JakobaGraavinnc
van Holland, Volkomelyk te onder-
werpen. Van wier Vader Graaf
Willem den V I , uyt den huyze
van Beijere, men deezen eerften
gedenkpenning van Holland he-
zit , en wiens aftekening my door
den Heer Frans van Micris , volgens
zyne gewoonlyke gulhartig-
I heyd, is ter hand gefteld.
K k Biu-
I 41
1