
vroegere, wier stichting tot zeer hooge oudheid opklom,
gestaan had , die bij het bombardement van 1807 in de
asch gelegd was. De nieuwe kerk werd in 1829 plegtig
ingewijd. Het korat mij v o o r , dat zij inwendig voor hare
lengte zieh te smal vertoont. o Het fronton boven de
zuilen van den hoofdingang is raet een basrelief in terra
cotta van t h o r w a l d s e h versierd, ’tg e en de predi-
king van j o h a h n e s den Dooper in de woestijn voor-
stelt. In de kerk zelve vindt men de standbeeiden der
twaalf Apostelen in eene dubbele rij, zes aan weßrszijde
der k e rk ; de twaalfde echter is niet Ma t t h i a s , welken
de vergadering te Jeruzalem, na de hemelvaart, in j bdas
plaats gekozen had, maar p a u l u s , de groote Apostel
der Heidenen, door m a r h e i n e c k e der ebenso religiöse
als gelehrte A p o s te l, der S tifte r des Christenthums
genoemd. Zijn beeid staat, tegenover dat van p e t r u s ,
hetdigtst bij het altaar. De groote verscheidenheid in u it-
drukking van karakter, in gelaat en houding, doet ons
bij elk dezer beeiden met bewondering vertoeven. Voor
het altaar in het middeniseen knielende Enge l, rüstende
op de linkerknie, terwijl de doopvont, in de gedaante
van eene groote sch e lp , door de regterknie ondersteund
wordt. Maar , hoe schoon dit alles is , onweßrstaanbaar
trekt ons het hoofdbeeld, aan het eind der kerk, tot zieh.
Verwonderlijk valt het licht op dit standbeeid van Chri st
u s , ’tg e en als van boven bestraald is. Het regterge-
deelte der b orst, de voorarmen, de handen en voeten
zijn bloot; het overige is door breede plooijen van den
omgeslagen mantel omhuld, doch zöö, dat men het lig—
chaam onder het kleed in schoone vormen meent te zien
doorschijnen. In lange lokken golft het hoofdhaar van het
eerwaardige voorhoofd ter wederzijde tot de schouders
neder. Zegenend zijn de handen uitgebreid, als noodigde
de Heiland zij ne in de kerk zamengekomen gemeente
tot zieh. Doch ik vind mij buiten staat te beschrijven ,
waarvoor de laal te arm is. Zinrijk zijn de bijbelspreuken
g ek o zen , die dit beeid omgeven. Boven het beeid staat
in het Deensch: Deze is m ijn geliefde Zoon, hoort hem !
M a r c . IX : 7; beneden het beeid : Komt herwaarts tot