
en der kaffer». Yeelligt zie i l mij later in staat gesteld eenige bijdragen tot opheldering
der natuurlijke geschiedenis Tan dm eersten dier stammen te geven ; thans aouda
ik slechts weinig meer dan uit andere schrijvers zamengeraapte berigtén kunnen mede-
deelen (l). Bepalen wij ons daarom voor het tegenwoordige tot de kaffers > van welke
ik meerdere schedels heb kunnen vergelijken (2).
De benaming kaffers is. eigenlijk een arabiseh woord, hetwelk.Öugeloovigen betee-
kent en waarmede deze volken door de Mohammedanen bestempeld werden, die aah-
de Portugezen, welke in den aanvang der zestiénde eeuw, bet eerst de oostkusten van
Znid-Afrika bereisden , tot wegwijzers en. onderhandelaars verstrekten., Onder! dezen
naam worden ook de oorspronkelijke inboorlingen,, die in de nabijhèid der kaapkolonie
leven, oostwaarts van de groote v3scb«ivïe®j^*Wss|ien:dent 29 en;83°| Z,;B,aa!agé--
tluid, welke onder, alle ' kafferstammen b e l. best,rbekehd- zijn, .Zij noemen »ich zei—
ven Koossa ol Kaussa en hebben voor hunnen volksstam de^algemeene benaming
Atnmakosina. Door latere reizigers', waaronder ook Bcrghm,i , is. men ook nader bekend
Igeworden .met de. Beeisuanen of (Biéhwmen, , die ten noorden woonen., Iughtes-
steik meent dat de westelijke grens, der kaffers ten noorden dm kaapkolonie valt, in
den meridiaan van Afrika’s uiters&e^idsphj&j. kaap Agulhaz ; vtotzeo ver strekken zich ,
zegt hij , kafferstammen1 in het binnenland onder den 2a° Z. B. iiit. Isvevenwel<d©
de stam der Dammaras. o£ flambards- ten .noorden van' dft< Npm&qua’s gelijk Barkow.
beweert, een kafferstam, dan strekken zich., de kaffers onder den 28 m 24° Z. B tot
aan Afrika’s westkust uit.
Alle deze volksstammen hebben menigvuldige punten van gelijkvormigheid in lig-- *
2 ftj In het Museum jAnatomicum w Leiden is eeii.sphedel van.eeneu hottentot aanwezig (Mm. Knot. ï,. B.
1827. f«Ko. na.a>99); deze is, evên als een schedel vair eên'hbsd'.iesman’, die aan den Hoogfeeraar Samufobt toebehoort,
afgebeeïd en beschreven in de door dezen Geleerde uitgegevens Tabuiae Cranior. diversarum ndtimum •
Fase. I. L. B.-iéiÉ:Üfi'7*':'
(2) Meo zie over de kaffers, voornamelijk over de Koossa-kaffers, -welke in nabijheid.der KaapMönié leven,.
L. Ai.berti , de Kaffers'aan de zuiÉcmt mm Jtfri&a, Amsterdam 1810. 8°. én II. LïCïrrEiïsrKis’s Heise» im
sitdlichen Kfrica. Berlin 1811. I. 390— 500. .Hiermede hei). ik.de herijrteo'van 'vroegere Schrijvers, zoo als
SrAK&HAi, Le Vau-ia s i, Bakrcuv , en.vah lateren, zoo als Cajipeeli. en Burcheh., vergeleken. S
ohaamsgestalte/, taal en gewoonten. De huidkleur ij bruin of bleekzwart, maar
veelal door roode aardsoorten, waarmedezij^ieb in vrij wen en welke kleur zij door
eene tweede invrij.wing met yet duurzamer maken, onkennelijk. Een bleek vleesch-
kleurig kaffermcijje, hetwelk Burcheu ;aantro£ ,(1) $ was blijkbaar eene albino, welke
toevallige veischeid.enheid onder alle mensclienstammen voorkomt. Het haar is
.zwart, kort-,en wollig.| De kaffers zijn welgevormd en de mannen van eene gewoon*
lijk zeer groote .gestalte, meestal van o. voet en 6 tot 9 duim; de vrouwen hebben
daatentégen eege' veel kleinere, gewoonlijk beneden de middelmatige blijvende gestal«
ocus is niet plat.
De baard is niét sterk , meer nogtans dan hij de hotlentotten.
. .Dö taal-,;der .Verschillende: kafferstammen heeft bij vele verscheidenheid toch ook
groote overeenstemming, zoo als uit eene vergelijking der Sichuana taal, die de
Beelzuanen spreken, en die >dey Koesm’s kan worden opgemaakt. Deze taal is welluidend
aondcr k de snakkende geluiden-;; dar. Hot^èntotten, r De wortel woorden bestaan
men den medeklinker r , die
echter bij de Beetzimnen voorkoqit..
■jÜV4t:4 e'i.g.ei^^p^;;eJ|,lev,^||jj^e...d^:k^ei^0]keniill^^MS#:!^#®^ .herdervolken eh
bempeijfjSi zi'ch-slechts weinig mét den landbouw. jGreene vtplkpmene nomaden, blij-
ven fcijilgewopnlijk gaarne in dezelfde streken -gevestigd (8),. Hunne kleeding bestaat
uit die^en^ejlegy; Schrift is^-bijn-hen onbekend. Zij hebben eahter eenige eerste be»
ginselen van beschavi!ng.^Zij graseu metalen op en weten die te bewerken. De besnijding.,
isjibijj ben'; algemeen in gebruik, en. wordt, niet kort na de geboorte, maar eerst
bij opgegBoeideknapen -tegen deu aanvang der manbaarheid bewerkstelligd.
(I) W. L IBimcBzä; Travels in t&e interior ejï émlh'eim*Kfidèti, Löildón 1822, 1824. 4°. II, p.171, 172.
(2ï Axberti t. a. p. hl. S3, lacHTZvSiïi», I.’ S.' 406 ; Barrow , an Kccownt f f Travels in the interior f f
SsHÜièiht JifHca, ttiifeWs 18^ P ^ ï 8Ö4. 4°. I. p. 169.
-..' -fu) £rtlikov\ 'de zoogenoemde groote’ Stad der Beetzuanen, Is hét bekend dat Zij meermalen verplaatst is.
Bé stad bestaat uit eene verwarde menigte Van .hutten, zonder eéhijje kunst of regelmaat, waarvan ons Buncnzu,
is zijne reize eene 'vpprsjdhiiggeèft,ll, ‘tegen'över hl. 4p4.