
1495 Wyl fommlK Schryvers omtrent den fterftyd yan Sigismund een jaar verfchillen , zoo
■ zoi.de dit jaargetal eenige opheldering können geeven , byaldien ’er geene bedenk,ng viel,
o f hier niet naar den Vlaamfchen %1 gerekend zy.
De Roomfchkoninglyke Arend , die met nitgefpreide yvieken op de keerzyde gefteld is .
draagt de ivapdns van Ooftenryk en van het pas verkreege Gra^chap Tyrol op de borft
wordende wyders in dcn kring van twintig diergelyke fclulden beflooten , die ik kortlyk
za l-melden, beginnende van her onderfte en dus ter regter zyde vervolgende ; Hungaric
2. Oudborgonje, 3. Carniola of Krain. 4. Stiermark, f . Limburg. 6. Burgouw.
7 I-Iohenberg. 8. Nellenburg. y. Kiburg. 10. Montfort o f Veldkerke. 11. Habsburg.
12. Ferrette. .3. Portenauw. 14. Windismark. ly . de Elfas. id. HoUand. 17. Vlaandre.
i8- Opper-Ooftenryk. 19. Carintie. 20, Brabant.
»49«
(i1 La
lia d iF r.
Guicciard.
pas-
Corps
Diplomat,
par du
Monr.
Tom. I I I .
Part, I I .
«01.359.
&fcq.
Geduurende den tyd dat Keizer Maximiliaan
zich, met het aanvaarden der
nieuwverkreegene bezittingen , in Tyrol
ophieldt , is ’er Lodewyk Sfortia
met de Gezanten der Bondgenooten in
perfoon verfcheenen ; wandt de Florentynen
willende Pifa , dat van de
Franfen in vryheid gefteld was, weder
tot de voorige onderdaanigheid
brengen , zoo hadden de Venetiaanen
en Sfortia den Stedelingen byftand verfchaft
; maar hoorende, dat men in
Vrankryk zich tot eenen nieuwen togt
gereed maakte , waren zy zoo bevreesd
geworden , dat zy den Keizer
Ma.ximiliaan , zoo die met een zeker
getal ruiteren en voetknegten derwaart
wilde trekken > voor iedere maand
twintigduizend (i ) Dukaaten, en dit
drie maanden agtervolgende , deeden
aanbieden. Om dit nader te befteeken
was de Hertog zelf de Alpes overge-
ftapt, cn thans eenen geruimen tyd met
den Keizer gehandeld hebbende keerde
hy te rugge naar Bormie, daar de
Keizer zich den volgenden dag , onder
fchyn van ter jagt te gaan , vervoegde
; en den tyd en de wyze zyner
overkoomfte beraamd hebbende
ginghy naar Duitfland, en fchreef, op
den drieentwintigften van Bloeimaand,
uit Augsburg aan de Vorften en Staaten
( 2) zyns Ryks , hen beroepende
op den Ryksdag te Lindau , en ftelde
hen te gelyk de bcweegredens zyner
Italiaanfche reize voor, naamenlyk
dat de Franfen niet alleen het onder-
brengen van Milanen in den zin hadden
, maar zelfs van ganfch italic , dat
onaffcheidelyk aan ’t heilige Ryk behoorde
, en ’t ftondt te vreezen, dat
zy de Keizerlyke Kroon, die met zooveele
moeite en zwaare bloedftortingen
aan Duitfland gebragt was , zouden
overweldigen, dat hem zulks, als Op-
pervoogd en Befchermer der Kriftlyke
Kerke, niet betaamde ongevoelig aan te
zien, opdat de'Paus, overtuigd van zyne
wakkerheid, hem, en niet den Koning
van Vrankryk , tot Roomfchkei-
zer mogt kroonen. Dierhalven begeerde
Maximiliaan van de Stenden des
Ryks , dat zy geld , bctaamelyk getal
volks en gefchut verzaamelen, en ter
beftemder plaatfe verfchynen zouden,
om, naa het eindigen der vergaderinge,
hem in zyne onderneeminge te können
volgen ; wyders beloofde hy van zynen
Zoon Philips derwaart te zullen
brengen , om den onderftand van des
zelfs Landen magtig te worden : tot
dat einde zondt hy onder anderen ook
afzonderlyke brieven aan de voornaamfte
(3).Steden der Nederlandfche Geweften
ijl
Diplomit.
pir du
Mont.
Tom. III.
Psrt.!l.
fol-jd]’
, dus naar Antwerpe , Dordrecht
, Brugge, Lukfemburg, Middelburg
, Berge in Henegouwe en anderen,
om de Onderdaanen in zyn belangen
te trekken , zoowel als den
Landsheer zynen Zoon. Welke, in het
doorreizen van Maaftricht , van de
Stedelingen verzogt om nevens hen
naar den (4) Vogel te fchieten, zich
daartoe liet beweegen , en door het
nederwerpcn van den zelven , te gelyk
den prys en de genegenheid zyner
medefchutteren won,
Wanneer de Aardshertog in Bloeimaand
(4)
Annil.
Brab,
Tom. I.
fol, 49k
te Keulen kwam , wierdt hy
eerlyk ontfangen , en van wegeS tadde
149^ Stad (i) met zes wngcns havers, een
pjj" gclyk getal met wyn , twee groote
ciiron-r olten , tuTC zilvcrc vci-gulde fchaalen
statCoci-cn andere gaaven befchonken. W'yders
3?j.mio. i'l Graaffchap Ferrette als Vorll gehuldigd
li Rer.
Aallr.
Lib, V.
Cip.4-
zynde geraakte hy eindelyk ,
op dcn laatften van Weidemaand , te
Weene by zynen Vader dcn Keizer,
met wien hy verfcheidene dagen in ’t
heimelyke handelde , zoo men vcr-
(i)Heute* inoedt, (z) over het verzekeren van
Gelderland, het voltrekken zyns huuwelyks
, ’t wederkrygen der Landen
en Stedcn , wclkcn de Koning van
Vrankryk nog in zyn geweld hadt, of
om de genegenheid der Zwitfers te win-
ncn, en diergelyke raadfels, die door de
gevolgen zyn beveftigd geworden. FIoc
het zy, klaarder blykt, dat Maximiliaan,
op den Ryksdag te Lindau, niet
naar genoegen van de Duitfche Vorften
onderfteund wordende , echter den togt
naar Italic voortzettede, vermids hem,
bovcn de reeds ingewilligde fomme,
nog dertigduizend Dukaaten van Lo-
dewj^k Sfortia (3) beloofd waren; maar
,j La
Hiß.d'lta- I
liadiPr. foberlyk .van duizend ruiteren en vyf-
duizend voetknegten gevolgd zynde,
si.verfa? vcrviel de groote verwagting die men
op hem gebouwd hadt , tot zooverre,
dar, hebbende bevel gezonden aan den
Hertog van Savoije en aan den Markgraaf
van Montferrat, zich , als Leen-
houders (4) van het Keizerryk , zon-
¿1??' vertoeven naar Afte te begeeven,
zelf de Hertog van Ferrare , fchoon
die Modena en Rhegio van’t Keizer- Tom.v.
]-yk te leen bezat , alzoo min zwaa-
righcid vondt in ’t niet gehoorzaamen
dier gebodcn dan anderen.
Onaangezien deeze wedcrftreevihgcn,
befchikte Lodewyk Sfortia geld en
krygsvolk aan den Keizer , en bran*
dende om Pifa in zyn geweld te krygen
raadde den zelven , wyl het van
overoude tyden een Ryksftad geweeft
was, die voor zich te vorderen , en
de Florentynen, ware het moogelyk, van
de Franfen te verwyderen. Wanneer
dit van de Bondgenooten was tocge-
ftaan , wierdt alles, om de onderneeming
we] te doen ftaagen, vaardig gemaakt
: men hadt reeds Jan Bentivol-
jo j die het gebied in Bolonje voerde,
cn met de Italiaanfche Vorften in’t verbond
ftondt, aangemaand, (y) om van is) u
zynen kant op de Florentynen te val- SS?;?,
len , terwyl ftie van Pifa cn Siena hen
aan de andere zyde zouden beftooken, *
omdat men bevreeft was dat zy de rivier
van Genua mogten benaauwen.
Vermids Bentivoljo zich hier van niet
vreemd hieldt, fpaarden de Bondgenooten
geene bcweegredens om hem door
beloften op te wekken , zelf Keizer
Maximiliaan zogt hem door beleefdlieid
aan. zich te verbinden ; ’t welke , al
ware het, dat ’er geene fchriften van
repten , door deezen penning beweezen
wordt.
Het hoofd van Jan Bentivoljo , den Zoon van Hannibal , vertoont zich op de voorzyde,
welke zoodaanigen Jof verworf, dat men hem voor eenen der beroemdfte Mannen zyns
tyds, te gelyk eenen dapperen Krygsman en eenen wyzen Veldheer, erkend he efc; h y
was de tweede van deezen naam, die het gebied in Bolonje voerde , ’t gene ook uit die
randfclirift b lykt;
I O A N N E S B E N T I V O L V S II. E O N O N I E N S I S .
J A N B E N T I V O L J O D E TW E E D E V A N B O L O N J E .
I let niggeiltik geeft ons te kennen, dat het van Keizer Maximiliaan gegeeven i s ; rnaar
wat liier door moet verftaan worden verdient nadere befchouwing ; wyl iJc vaft f te l, dac
d- Ded. A a aa , die
I t /
■rii il'! L i t r
/: k